Fietszitje

Zodra een kind zelfstandig kan zitten (gemiddeld tussen de zes à negen maanden) kan hij of zij worden vervoerd in een fietszitje. Het kind kan net zo lang in een fietsstoeltje zitten als dat het zelfstandig op de grond kan zitten.

Algemene veiligheidstips

Zorg voor goede spaakafscherming:

  • Goede spaakafscherming is een hardplastic scherm dat tussen het voetensteuntje en het wiel wordt bevestigd (te koop bij de fietsenmaker). Een jasbeschermer geeft niet voldoende bescherming aan de voeten.
  • Probeer het zitje met het kind, kijk of de voetjes niet ergens tussen de spaken kunnen komen en controleer dit regelmatig.
  • Een kinderzitje met voetriempjes is niet voldoende, deze beschermen niet in alle gevallen tegen spaakbeknelling.
  • Zorg dat de fiets niet om kan vallen terwijl het kind op de fiets klimt of je het kind erop tilt.
  • Denk om een fietshelm.

Fietszitje voor

Een fietszitje voorop de fiets is bedoeld voor kinderen tot ongeveer drie jaar.

  • Koop een fietszitje dat aan de Europese veiligheidsnorm voldoet (NEN-EN 14344)
  • Zorg ervoor dat de rem- en versnellingskabels niet in de knel komen.
  • Ga na of er geen lichaamsdelen in de knel komen bij het sturen.
  • Een zitje moet aan de stuurpen of balhoofdbuis worden bevestigd (zitjes die aan het stuur zelf worden bevestigd zijn niet geschikt voor aluminium sturen zoals op een racefiets)
  • Kinderen groeien snel, plaats voor wat langere kinderen bij het voorwiel spaakafscherming op de groei en controleer deze regelmatig.

Fietszitje achter

Kinderen tot ongeveer vijf jaar die zelfstandig kunnen zitten, kunnen worden vervoerd in een achterzitje.

  • Koop een fietszitje dat aan de Europese veiligheidsnorm voldoet (NEN-EN 14344)
  • Zorg voor goede spaakafscherming. Een spaakafschermer is een hardplastic scherm dat tussen het voetensteuntje en het wiel wordt bevestigd. Een jasbeschermer biedt onvoldoende bescherming.
  • Een kinderzitje met voetriempjes is niet voldoende, de riempjes beschermen niet in alle gevallen tegen spaakbeknelling.
  • Probeer het zitje met het kind, kijk of de voetjes niet ergens tussen de spaken kunnen komen. Bedenk dat kinderen snel groeien, plaats de spaakafscherming op de groei en controleer deze regelmatig.
  • Bevestig een zitje dat op de bagagedrager gemonteerd wordt ook aan het frame.
  • Zorg ervoor dat een achterzitje op de juiste plek gemonteerd zit. Zit het te ver naar voren, dan heeft een kind geen ruimte; te ver naar achteren geeft kantelgevaar.
  • Zet het gordeltje vast, vooral jonge kinderen kunnen de extra ondersteuning goed gebruiken.

Meer informatie over de veiligheid van fietszitjes en veilig gebruik hiervan kun je vinden op de website van Consument & Veiligheid.