Door het huis goed schoon te houden, hebben bacteriën minder kans om te groeien en wordt het aantal stofdeeltjes verlaagd.
Hoe vaak je schoon moet maken is afhankelijk van de snelheid en de mate van vervuiling van de verschillende ruimten. Houdt voor een goede hygiëne in huis de volgende principes aan:
- Verwijder zichtbare verontreinigingen direct;
- Reinig alle oppervlakken, hulpmiddelen en materialen periodiek omdat ze door gebruik onzichtbaar besmet kunnen raken;
- Was textiel (beddengoed maar ook voor bijvoorbeeld boxkleden, verkleedkleren en knuffels) regelmatig op 60°C om de hoeveelheid allergenen en huisstofmijten in textiel te verminderen.
Bacteriën
Bacteriegroei en overlast door stof kun je tegengaan door:
- Stof af te nemen met een stofbindende of vochtige doek. Zo voorkom je dat stof in de lucht gaat dwarrelen;
- Te stofzuigen wanneer kinderen er niet zijn, tenzij de stofzuiger van een speciaal filter is voorzien;
- Te ventileren tijdens het stofzuigen.
Vuil
Vuil kun je tegengaan door:
- Meubilair en voorwerpen schoon te maken met een sopje van een huishoudelijk schoonmaakmiddel;
- Vloeren schoon te maken met een dweil of een mop. Gebruik bij een mop twee emmers. Eén voor het schone sopwater en één voor het vuile gebruikte water.
Aandachtspunten bij schoonmaken:
- Werk van schoon naar vuil. Start bijvoorbeeld in de slaapkamer en eindig met de wc.
- Gebruik schoon materiaal (schone doeken, schone wisser etc.).
- Maak eerst droog schoon.
- Vervang zichtbaar vervuild sopwater.
- Reinig schoonmaakmaterialen na gebruik. Was doeken op 60°C en laat het schoonmaakmateriaal aan de lucht drogen. Laat nooit natte sopdoeken en dweilen in emmers achter om uitgroei van bacteriën te voorkomen.
- Besteed extra aandacht aan het reinigen van handcontactpunten, zoals kranen, lichtknopjes, deurkrukken en doorspoelknoppen. Via deze oppervlakken kunnen ziektekiemen makkelijk worden overgedragen.
Meer lezen over schoonmaken? Kijk in de methode "Gezondheidsmanagement voor gastouderbureaus", onderdeel 2.8 Schoonmaken.